Karin den Oudsten
Ik leer jou hoe je een nare periode achter je kunt laten 

Een bewijs van vrolijkheid

In 1988 begon ik aan het eerste jaar van de Lerarenopleiding, toendertijd was deze nog gevestigd in Delft. Ik had gekozen voor de richting wiskunde en bedrijfseconomie en studeerde in 1992 af met als hoofdvak wiskunde. 

Ik herinner me nog het vak Stereometrie waarbij je van een kubus met behulp van axioma's moesten bepalen of bepaalde lijnen in die kubus wel of niet evenwijdig waren. In de wiskunde is een axioma een als grondslag aanvaarde bewering om andere stellingen te bewijzen. Het is dus niet nodig om een axioma elke keer opnieuw aan te tonen. Met deze axioma's ga je dus aan de slag om het vraagstuk op te lossen. 

Ik heb de axioma's nog eens opgezocht:
Axioma 1. Door elke twee punten gaat precies één lijn.
Axioma 2. Door elke drie punten gaat precies één vlak.
Axioma 3. Een lijn die twee punten met een vlak gemeen heeft, ligt geheel in dat vlak.
Axioma 4. Als in een vlak een lijn l en een punt P buiten l gegeven zijn,  dan ligt er in dit vlak precies één lijn die door P gaat en l niet snijdt.
Axioma 5. Twee vlakken die een punt gemeen hebben, hebben nog een tweede punt gemeen.

Voor mij is het trouwens leuk om het weer eens te bekijken. Maar wat ik met bovenstaande duidelijk wil maken, is dat je met axioma's een bewijs kunt opstellen die waterdicht is. Geen speld tussen te krijgen, zo klaar als een klontje.

Je voelt hem misschien al aankomen, ik ga een bruggetje maken :-). Straks...

Jaren geleden heb ik de keuze gemaakt om me om te scholen en mijn hart te gaan volgen. Vanuit mijn baan als ICT-er startte ik mijn eigen praktijk en volgde ik de ene na de andere studie. En met het volgen daarvan stelde ik me voor dat ik ooit een bloeiende praktijk zou hebben met genoeg inkomsten om van te leven. 

De geestelijke gezondheidszorg gaat om de beste zorg aan mensen die psychisch uit balans zijn geraakt. Het leek me destijds logisch om diverse congressen te bezoeken, zodat ik wat meer inzicht zou krijgen hoe er binnen deze discipline gewerkt wordt. Zo zat ik in september 2015 bij een congres waar het overgrote deel van de aanwezigen psychiater was. En laat duidelijk zijn...ik heb absoluut niets tegen psychiaters. Integendeel, ik ken er een aantal en dat zijn mensen die vanuit hun visie mensen willen helpen.

Maar tijdens dat congres werd ik behoorlijk met mijn neus op de nuchtere feiten gedrukt. Ik hoorde over modellen, berekeningen, indicaties, richtlijnen, kansen, risico's, protocollen, cijferreeksen, variatie, systemen, indicatoren en standaarddeviatie. Deze woorden heb ik toen letterlijk opgeschreven met ooit de bedoeling er een blog over te schrijven.

Vandaag dus.

Nu is mijn wiskundige kennis nog aardig op peil en ook voor Statistiek had ik een behoorlijk hoog cijfer. Maar als ik - met een achtergrond in de wiskunde en informatica - mezelf om laat scholen naar een vak waarin de mens centraal zou moeten staan en ik krijg deze termen om mijn oren, dan vat ik dat niet.

En als we het dan toch over richtlijnen hebben... ik vind het stuitend dat vragenlijsten bewijs zijn voor een bepaalde uitkomst van een onderzoek. Immers, als ervaringsdeskundige en coach weet ik maar al te goed dat er in de weg van het uiten van een gevoelskwestie nogal wat ruis kan ontstaan. Ruis in die zin dat er op de weg van het oorspronkelijke gevoel in ons onderbewustzijn naar een uiting op een vragenlijst vervorming kan plaatsvinden. 

Ten eerste kan de betreffende persoon het betreffende gevoel misschien niet goed onder woorden brengen. Hij of zij heeft simpelweg niet de beschikking over de volledige woordenschat van diverse gevoelens. Ten tweede kunnen er andere gevoelens meespelen - schaamte is er een heel duidelijk voorbeeld van - waardoor het oorspronkelijke gevoel vertroebeld wordt. En ten derde kan het zijn dat de vragenlijst niet uitgebreid genoeg is om precies bij het oorspronkelijke gevoel aan te sluiten. De persoon vult dan het gevoel in wat het best passend is.

Over één ding zijn we het waarschijnlijk wel eens: de geestelijke gezondheid heeft alles te maken met mensen. 

Over verwrongen gedachten. Over onmacht. Over schaamte. Over schuldgevoelens. Over er niet meer willen zijn. Over zelfbeschadiging. Over somberheid. Over energieverlies. Over blinde paniek. Over niet kunnen slapen. Over angsten. Over donkere dagen. Over boosheid. Over eenzaamheid. Over futloosheid. En over...vul zelf maar in.

En waar het - naar mijn idee - steeds meer over mag gaan zijn onderwerpen zoals kwetsbaarheid, loslaten, eigen wijsheid, keuzemogelijkheden, verbondenheid, heling, betekenisgeving, stigmatisering, zelfrespect en innerlijk weten (als ik langer nadenk, kan ik er vast veel meer verzinnen).

Maar niet over statistieken.

De psychiater die behoorlijk ijverig allerlei grafieken liet zien, vermeldde erbij dat "wanneer manische patiënten gemakkelijk lachen, dat dat dan geen bewijs van vrolijkheid is." Zou het kunnen zijn dat er binnen de GGZ teveel zaken onterecht gezien worden als axioma?

Deze blog is geplaatst op 11 juli 2018 door Karin den Oudsten.

Na haar eerste bevalling kreeg Karin den Oudsten depressieve klachten en na de tweede een acute kraambedpsychose. Ze schreef hierover twee boeken en zette de website Kraambedpsychose.nl online. Ze geeft trainingen aan kraamverzorgenden, aan studenten verloskunde op de Hogeschool Rotterdam en aan verpleegkundigen in het Erasmus MC en LUMC. Ze is werkzaam als Register Hypnotherapeut en Volwassencoach (NOBCO). Daarnaast is ze ambassadeur van Samen Sterk zonder Stigma en grondlegger van Stichting Me Mam, een platform voor moeders met psychische klachten na een bevalling.